{"id":2073,"date":"2019-02-04T11:25:09","date_gmt":"2019-02-04T11:25:09","guid":{"rendered":"https:\/\/mariekewinkler.wordpress.com\/?p=2073"},"modified":"2019-02-04T11:25:09","modified_gmt":"2019-02-04T11:25:09","slug":"revanche-van-de-podiumpoezie","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/?p=2073","title":{"rendered":"Revanche van de podiumpo\u00ebzie"},"content":{"rendered":"<div id='gallery-1' class='gallery galleryid-2073 gallery-columns-3 gallery-size-thumbnail'><figure class='gallery-item'>\n\t\t\t<div class='gallery-icon portrait'>\n\t\t\t\t<a href='https:\/\/mariekewinkler.nl\/?attachment_id=2074'><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"150\" height=\"150\" src=\"https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/1-hanestaart-omslag-150x150.jpg\" class=\"attachment-thumbnail size-thumbnail\" alt=\"\" \/><\/a>\n\t\t\t<\/div><\/figure><figure class='gallery-item'>\n\t\t\t<div class='gallery-icon portrait'>\n\t\t\t\t<a href='https:\/\/mariekewinkler.nl\/?attachment_id=2075'><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"150\" height=\"150\" src=\"https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/1b-hanestaart-achterflap-150x150.jpg\" class=\"attachment-thumbnail size-thumbnail\" alt=\"\" \/><\/a>\n\t\t\t<\/div><\/figure>\n\t\t<\/div>\n\n<p>&nbsp;<\/p>\n<h3 style=\"text-align:justify;\"><strong>Tom Lanoye als po\u00ebzieperformer<\/strong><\/h3>\n<p style=\"text-align:justify;\">\u2018Weet ik veel hoe po\u00ebzie eruit \/ moet zien\u2019, aldus de opening van het gedicht \u2018Programma\u2019 uit <em>Hanestaart\u00a0<\/em>(1990), Lanoye\u2019s tweede po\u00ebziebundel die verschijnt bij een reguliere uitgever. \u2018Niet dat statische, \/ dat uniforme. Daar hou ik niet \/ zo van. Dezelfde toon herhaald \/ tot in den treure, en dat dan \/ \u2018vormvastheid\u2019 noemen, of \u2018een \/ eigen stem\u2019, dat soort gelul. \/ Nee, daar hou ik niet zo van.\u2019 Zeker op deze manier achter elkaar geplaatst, valt in deze strofe de spreektalige stijl op. Lanoye schreef zijn po\u00ebzie dan ook primair voor het podium en met de bedoeling effect teweeg te brengen bij zijn publiek. De communicatieve functie en de verstaanbaarheid waren voor de jonge dichter daarom van essentieel belang. In <em>Van oor tot oor\u00a0<\/em>(1981), uitgegeven in eigen beheer, zegt hij hierover:<\/p>\n<blockquote><p>\u2018Mijn publiek moest niet alleen uit lezers bestaan, maar mijn teksten moesten ook ten gehore worden gebracht. Een nieuwe orale literatuur diende te ontstaan, die zich van mond tot mond, van oor tot oor zou verspreiden.\u2019<\/p><\/blockquote>\n<p style=\"text-align:justify;\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" class=\" wp-image-2076 alignright\" src=\"https:\/\/mariekewinkler.wordpress.com\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/2-van-oor-tot-oor-omslag.jpg\" alt=\"2 van oor tot oor omslag\" width=\"212\" height=\"306\" srcset=\"https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/2-van-oor-tot-oor-omslag.jpg 1268w, https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/2-van-oor-tot-oor-omslag-208x300.jpg 208w, https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/2-van-oor-tot-oor-omslag-708x1024.jpg 708w, https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/2-van-oor-tot-oor-omslag-768x1110.jpg 768w, https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/2-van-oor-tot-oor-omslag-1063x1536.jpg 1063w\" sizes=\"auto, (max-width: 212px) 100vw, 212px\" \/>Iets later, in \u2018Pleidooi van een performer\u2019 (1983), stelt hij dat hij het performen niet alleen beschouwt als onderdeel van zijn eigen auteurschap, maar van het auteurschap in het algemeen. De dichter die zich niet wendt tot theatermiddelen bij het aan de man brengen van zijn werk, kan volgens hem beter achter zijn schrijftafel blijven zitten en \u2018schrijver\u2019 blijven. De auteur daarentegen voegt aan zijn schrijverschap iets extra\u2019s toe. Hij vervolmaakt zijn schrijverschap door het gebruik van \u2018theatertekens\u2019.<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">Juist die theatertekens \u2013 denk daarbij aan retorische middelen als de overdrijving, de parodie, het vermengen van registers en stemmen \u2013 worden door de literaire kritiek van dat moment minder met het concept literatuur in verband gebracht dan wel \u2018met verschijnselen als glitter, show, cabaret\u2019, aldus Dirk De Geest en Hugo Brems in <em>Openener dan dicht is toe. Po\u00ebzie in Vlaanderen 1965-1990 <\/em>(1991). Dit geldt eveneens voor Lanoye\u2019s collega\u2019s als we hem in \u2018Pleidooi van een performer\u2019 mogen geloven: \u2018Bijna alle dichters die niet performen hebben een hekel aan dichters die dat wel doen. \u201cWant het is geen echte po\u00ebzie\u201d\u2019. Echte po\u00ebzie laat zich niet \u2018afleiden\u2019 van de tekstuele inhoud door zoiets ordinairs als cabaret, \u2018een eerlijk auteur stoort zich niet aan zijn lezers\u2019, stelt Lanoye, en dit is nu precies wat hij w\u00e9l doet.<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">Lanoye wil zijn publiek niet op afstand houden maar juist aantrekken en verleiden. In de tweede strofe van het hierboven geciteerde gedicht presenteert hij het beeld van de toverbal om het type po\u00ebzie dat hij voorstaat nader toe te lichten:<\/p>\n<blockquote><p>Geef mij dan maar het favoriete<\/p>\n<p>snoepgoed uit mijn jeugd. De<\/p>\n<p>toverbal. Je zuigt en zuigt<\/p>\n<p>maar, telkens komen er andere<\/p>\n<p>kleuren te voorschijn en voor<\/p>\n<p>je &#8217;t weet, heb je helemaal<\/p>\n<p>niets meer. D\u00e1t is het, vind<\/p>\n<p>ik. Zoiets. Ongeveer.<\/p><\/blockquote>\n<p style=\"text-align:justify;\">Tegenover de eerdergenoemde \u2018vormvastheid\u2019 en het statische benadrukt dit beeld juist het veranderlijke en tijdelijke van de po\u00ebtische tekst. Po\u00ebzie als verleidelijk snoepgoed, waarvan niets overblijft als het eenmaal is geconsumeerd. Maar moeten we de dichter hier op zijn woorden geloven, blijft er werkelijk niets over?<\/p>\n<p>&nbsp;<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\"><strong>Performers versus postmodernisten?<\/strong><\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">Voor het beantwoorden van bovenstaande vraag, komt de relativerende toevoeging in de laatste regel \u2018Zoiets. Ongeveer\u2019 van pas. Het maakt de formule \u2018po\u00ebzie = snoepgoed\u2019 meteen een stuk minder stellig dan daarvoor werd beweerd. Om te zeggen dat de po\u00ebzie van Lanoye alleen maar draait om vermaak en plezierige consumptie blijkt al te gemakkelijk.<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">Ten eerste refereert het beeld van de toverbal zonder centrum naar een dominant topos binnen de postmoderne po\u00ebzie volgens welke het werk wordt gezien als a-centrisch. Of, zoals Thomas Vaessens en Jos Joosten het uitleggen in <em>Postmoderne po\u00ebzie in Nederland en Vlaanderen <\/em>(2003), als een \u2018weefsel\u2019 dat altijd verweven is met andere weefsels en waarvan dus niet te bepalen is waar de oorsprong ligt of wat <em>de<\/em>betekenis is. Vanwege de nadruk op het communicatieve karakter (op basis waarvan je zou kunnen stellen dat er wel degelijk een betekenisgevend centrum is, namelijk het sprekend subject Lanoye), wordt Lanoye\u2019s po\u00ebzie doorgaans <em>tegenover <\/em>de Vlaamse postmodernistische po\u00ebzie geplaatst. Dit gebeurde onder anderen door eerdergenoemde Dirk de Geest en Hugo Brems. Die tegenstelling tussen performers en postmodernen doet echter geen recht aan de overeenkomst die ook bestaat tussen beide groepen. Het beeld van de kernloze toverbal is direct te verbinden aan de postmoderne trek om de kenbaarheid van een zingevend centrum in twijfel te trekken. Bij nader inzien dient zodoende ook de figuur van de po\u00ebzieperfomer te worden opgevat als een verhuller. Het gebruik van theatermiddelen maakt immers dat hij een rol speelt en nooit direct samenvalt \u2013 voor zover dat al mogelijk is \u2013met de particuliere persoon. Het is niet voor niets, denk ik, dat Lanoye zijn beschouwende stukken uit de jaren \u201980 en \u201990 ook wel vermommingen noemt. Zo prijst hij <em>Vroeger was ik beter\u00a0<\/em>(1989), een bundeling van zijn vroegere teksten, als volgt aan:<\/p>\n<blockquote><p>Wie dit boek doorbladert, zal zich afvragen: zijn dit nu kritieken, roddels of waar gebeurde verhalen? Zijn het brieven of beschouwingen, is het pose, analyse of inhoudsloos kabaal? Ach, het is dat alles tegelijkertijd. Alle genres treden aan, verkleed, verminkt, vermomd.<\/p><\/blockquote>\n<p style=\"text-align:justify;\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" class=\" wp-image-2077 alignright\" src=\"https:\/\/mariekewinkler.wordpress.com\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/3-vroeger-was-ik-beter-omslag.jpg\" alt=\"3 vroeger was ik beter omslag\" width=\"308\" height=\"494\" srcset=\"https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/3-vroeger-was-ik-beter-omslag.jpg 768w, https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/3-vroeger-was-ik-beter-omslag-187x300.jpg 187w, https:\/\/mariekewinkler.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/3-vroeger-was-ik-beter-omslag-638x1024.jpg 638w\" sizes=\"auto, (max-width: 308px) 100vw, 308px\" \/><\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">Ten tweede blijkt dat het mixen van genres en registers niet alleen maar een dienende functie heeft. De eclectische vorm hangt nauw samen met Lanoye\u2019s opvatting dat literatuur \u2013 net als iedere kunstvorm \u2013 niet iets hoogstaands is, maar iets wat midden in het leven staat. Kunst raakt niet aan het schone, goede of ware, maar is in het beste geval \u2018een troost bij gebrek aan beter\u2019, zo schrijft hij eveneens in <em>Vroeger was ik beter\u00a0<\/em>naar aanleiding van het werk van Hans Warren. Juist het relativeren van de kunst geeft Warrens po\u00ebzie volgens Lanoye \u2018een diepgang die ik bij vele andere dichters mis\u2019. De diepgang van de kunst ligt niet in (vaak door de dichter zelf aangebrachte) theoretische kaders of een metaforisch denken \u2013 de reden waarom Lanoye het werk van collega\u2019s als Hubert Lampo of Hedwig Speliers verafschuwt \u2013 maar in de acceptatie van de banaliteit van alles: \u2018het enige wat je kunt doen is een klaagzang zingen over de onontkoombaarheid van het banale, en deze klaagzang kunst noemen en hopen dat zij vertroosting schenkt\u2019. De kunst als uitlaatklep voor het beklemmende gevoel dat alles banaal is. Precies hierin ligt haar troostende waarde. Dit maakt de po\u00ebzie uiteindelijk veel meer dan een goed te consumeren toverbal.<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\"><span style=\"color:#ffffff;\">.<\/span><\/p>\n<h3 style=\"text-align:justify;\"><strong>Een nieuwe oraliteit<\/strong><\/h3>\n<p style=\"text-align:justify;\">In de jaren 80 voelde Lanoye zich een eenling. Zo stelt hij in \u2018Pleidooi van een performer\u2019 dat hij \u2018vrijwel alleen\u2019 staat in de opvatting dat het performen onderdeel is van het auteurschap. In het nieuwe millennium is het tij volledig gekeerd. Podiumpo\u00ebzie is inmiddels helemaal toege\u00ebigend door het literaire establishment en de populariteit van evenementen zoals De Nacht van de Po\u00ebzie in Utrecht en Dichters in de Prinsentuin in Groningen is vele male groter dan de belangstelling voor papieren bundels. Vormen van po\u00ebzievoordracht zoals <em>poetry slam\u00a0<\/em>en <em>spoken word\u00a0<\/em>worden bovendien steevast gekaderd als florerende voorhoede van een verder nogal verdord po\u00ebzielandschap, zo schrijft Daan Borloo in zijn artikel \u2018Podiumpo\u00ebzie: de nieuwe mainstream\u2019 (2016): \u2018Zowat elke instantie zwicht voor de <em>coolness<\/em>die rond <em>slam poetry\u00a0<\/em>en <em>spoken word\u00a0<\/em>hangt. Echt \u2018underground\u2019 kun je dat niet langer noemen\u2019.<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">De literatuurwetenschap kan daar natuurlijk niet bij achterblijven. Al in 2009 \u00a0constateerde Gaston Franssen dat de professionele literatuurbeschouwer van nu niet meer om podiumpo\u00ebzie heen kan en roept hij op tot een constructieve dialoog tussen performers, critici en academici. Of die constructieve dialoog inmiddels wordt gevoerd en of er een gedeeld kritisch discours is ontwikkeld zoals Franssen hoopte, durf ik niet met zekerheid te zeggen, maar zeker is wel dat ook de academische ogen zijn geopend voor wat Lanoye \u2018een nieuwe orale literatuur\u2019 noemde. Tekenend is bijvoorbeeld dat de dichter die \u2018alleen actief is op schrift\u2019 in het recenter gepubliceerde <em>Dichters van het nieuwe millennium\u00a0<\/em>(2016) als een uitzondering wordt gepresenteerd.<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">De toenemende belangstelling voor podiumpo\u00ebzie valt niet alleen in verband te brengen met een beweging weg van de <em>individuele<\/em>leeservaring richting een <em>collectieve <\/em>ervaring van po\u00ebzie, zoals de samenstellers van <em>Dichters van het nieuwe millennium\u00a0<\/em>voorzichtig opperen en zoals door eerdergenoemde Borloo als verklaring wordt overgenomen. De populariteit van podiumpo\u00ebzie past tevens in een veel bredere cultuurmaatschappelijke tendens volgens welke het lang dominante geschreven woord het aflegt tegen het gesproken woord. Stefan Hertmans duidde deze culturele verandering in zijn recente Verweylezing <em>De fictie en de feiten\u00a0<\/em>fraai als \u2018de momentane magie van het orale woord\u2019. Het geschreven woord is in de huidige, hoogtechnologische mediasamenleving onder verdenking komen te staan. Zij representeert niet meer de uiting van een betrouwbare autoriteit, veeleer wekt zij wantrouwen (is de tekst niet gemanipuleerd? Wiens visie of mening krijg ik hier opgedrongen?). Hiertegenover wint het <em>directe\u00a0<\/em>orale woord aan geloofwaardigheid, stelt Hertmans. De \u2018momentane magie van het orale woord\u2019 valt volgens hem dan ook samen met het aura van \u2018exclusieve authenticiteit\u2019 dat het gesprokene omgeeft.<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">De keuze voor Lanoye als auteur van het po\u00ebziegeschenk is een keuze voor een dichter die bij uitstek de performance-po\u00ebzie vertegenwoordigt \u2013 een type po\u00ebzie dat zich lang in de marge ophield maar dat inmiddels \u2018de nieuwe mainstream\u2019 mag worden genoemd. In het licht van de populariteit van \u2018de nieuwe orale literatuur\u2019 wint ook het vroege werk van Lanoye opnieuw aan betekenis. Hoe verhoudt zijn podiumpo\u00ebzie uit de jaren 80 zich tot wat er nu op het podium gebeurt? Leeft de \u2018po\u00ebtica van de toverbal\u2019 nog of heeft zij onder de po\u00ebzieperformers van nu andere vormen aangenomen, en welke dan? En hoe kan de podiumpo\u00ebzie worden begrepen (als vermaak? of ook als tegengeluid?) in het kader van de veel bredere, ingrijpende maatschappelijke tendens richting een nieuwe oraliteit waarvan we nog maar net begonnen zijn die te signaleren en begrijpen.<\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\"><em><strong>Deze column verscheen in het kader van de <a href=\"https:\/\/www.poezieweek.com\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Po\u00ebzieweek<\/a>\u00a0op de <a href=\"https:\/\/www.ou.nl\/-\/revanche-van-de-podiumpoezie-tom-lanoye-als-poezieperformer\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">website<\/a> van de Open Universiteit en op <a href=\"https:\/\/www.neerlandistiek.nl\/2019\/02\/revanche-van-de-podiumpoezie\/\">neerlandistiek.nl<\/a>.\u00a0<\/strong><\/em><\/p>\n<p><span style=\"color:#ffffff;\">.<\/span><\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\"><strong>Bronnen<\/strong><\/p>\n<ul style=\"text-align:justify;\">\n<li>Hugo Brems en Dirk De Geest, <em>Opener dan dicht is toe. Po\u00ebzie in Vlaanderen 1965-1990<\/em>, Uitgeverij Acco, Leuven 1991.<\/li>\n<li>Daan Borloo, \u2018Podiumpo\u00ebzie: de nieuwe mainstream\u2019, in: <em>Rekto Verso<\/em>, 28 november 2016. Geraadpleegd via <a href=\"https:\/\/www.rektoverso.be\/artikel\/podiumpo%91zie-de-nieuwe-mainstream\">https:\/\/www.rektoverso.be\/artikel\/podiumpo\u00ebzie-de-nieuwe-mainstream<\/a>.<\/li>\n<li>Dirk De Geest, \u2018Po\u00ebzie, po\u00ebzieopvattingen en publieke belangstelling in Vlaanderen\u2019, in: M.A. Schenkeveld-Van der Dussen e.a., <em>Nederlandse literatuur, een geschiedenis<\/em>, Uitgeverij Contact, Amsterdam 1998, 867-872.<\/li>\n<li>Jeroen Dera, Sarah Posman en Kila van der Starre, <em>Dichters van het nieuwe millennium. Nederlandse en Vlaamse po\u00ebzie in de 21<sup>e<\/sup>eeuw<\/em>, Vantilt, Nijmegen 2016.<\/li>\n<li>Gaston Franssen, \u2018Hoop op een plek in de finale. Een kleine antropologie van de podiumpo\u00ebziekritiek\u2019, in: <em>DW B<\/em>154.2 (2009), 234-245. Geraadpleegd via <a href=\"http:\/\/www.dwbarchief.be\/uitgave\/2009\/2\/dead-men-walking\/gaston-franssen\/hoop-op-een-plek-de-finale-een-kleine-antropologie-v\">http:\/\/www.dwbarchief.be\/uitgave\/2009\/2\/dead-men-walking\/gaston-franssen\/hoop-op-een-plek-de-finale-een-kleine-antropologie-v<\/a>.<\/li>\n<li>Stefan Hertmans, \u2018De fictie en de feiten\u2019, Verweylezing 2018 gepubliceerd in: <em>NRC<\/em>, 15 november 2018. Geraadpleegd via <a href=\"https:\/\/www.nrc.nl\/nieuws\/2018\/11\/15\/de-fictie-en-de-feiten-a2755342\">https:\/\/www.nrc.nl\/nieuws\/2018\/11\/15\/de-fictie-en-de-feiten-a2755342<\/a>.<\/li>\n<li>Tom Lanoye, <em>Van oor tot oor<\/em>, eigen beheer, 1981.<\/li>\n<li>Tom Lanoye, <em>Hanestaart<\/em>, Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam 1990.<\/li>\n<li>Tom Lanoye, <em>Vroeger was ik beter<\/em>, Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam 1992. Hierin opgenomen \u2018Pleidooi van een performer\u2019 [1983].<\/li>\n<li>Joost Niem\u00f6ller, \u2018Beelden, beelden, beelden. In gesprek met Tom Lanoye\u2019, in: <em>Bzzlletin <\/em>17, afl. 160 (1988), 44-50.<\/li>\n<li>Thomas Vaessens en Jos Joosten, <em>Postmoderne po\u00ebzie in Nederland en Vlaanderen<\/em>, Uitgeverij Vantilt, Nijmegen 2003.<\/li>\n<\/ul>\n<p style=\"text-align:justify;\"><span style=\"color:#ffffff;\">.<\/span><\/p>\n<p><span style=\"color:#ffffff;\">.<\/span><\/p>\n<p><span style=\"color:#ffffff;\">.<\/span><\/p>\n<p style=\"text-align:justify;\">\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>&nbsp; Tom Lanoye als po\u00ebzieperformer \u2018Weet ik veel hoe po\u00ebzie eruit \/ moet zien\u2019, aldus de opening van het gedicht \u2018Programma\u2019 uit Hanestaart\u00a0(1990), Lanoye\u2019s tweede po\u00ebziebundel die verschijnt bij een reguliere uitgever. \u2018Niet dat statische, \/ dat uniforme. Daar hou ik niet \/ zo van. Dezelfde toon herhaald \/ tot in den treure, en dat [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[50],"tags":[],"class_list":["post-2073","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-poezie"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/2073","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=2073"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/2073\/revisions"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=2073"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=2073"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/mariekewinkler.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=2073"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}