Blog

  • Masterclass Dominique Maingueneau

    Masterclass Dominique Maingueneau

    maingueneauMaingueneau ontwikkelde met behulp van centrale begrippen uit de linguïstiek (zoals enonciation, shifters en deiktische woorden) een theoretische invalshoek voor het blootleggen van patronen in teksten die breed inzetbaar is. Zowel journalistieke teksten als preken, zowel literaire teksten als politieke speeches, ieder ‘discours genre’ heeft zijn discursieve  parameters maar ook zijn vertrouwde, door traditie gegroeide en bevestigde ‘ethos’ dat ons inzicht kan geven in achterliggende sociaal-culturele normen en waarden.

    Maingueneau zal tijdens de masterclass ingaan op het concept van ‘self-constituting discourses’, dat zijn: ‘discourses which claim to be above any other type of discourse’ – denk hierbij aan het wetenschappelijke vertoog, het religieus vertoog of het vertoog over kunst – en hoe deze te analyseren.

    De vraag die hij zich daarnaast stelt, is waar discoursanalyse afwijkt en verschilt van de traditionele ‘content analysis’: waarom discoursanalyse toepassen als we voor het interpreteren van perspectief en metaforen ook prima bij de narratologie en structuuranalyse terecht kunnen? Een deel van het antwoord geeft hij in het artikel ‘Analysing self-constituting discourses’ (1999) dat, naast twee andere Engelstalige artikelen van zijn hand, als leesmateriaal dient voor de masterclass:

    “Even when it is not openly interested in criticizing ideology, discourse analysis, radically, is a critical activity: it affects some basic illusions of speakers – the illusion of saying what they mean, the illusion that the places from which they speak are not constitutive of signification.”

    Maingueneau is een van de grote Franse specialisten op het terrein van de discoursanalyse en verbonden aan de Sorbonne (Parijs). De masterclass vindt plaats aan de UvA van 14.00 tot 17.30 en wordt georganiseerd door de OSL.

    Zie de website van de OSL voor meer informatie en aanmelding.

  • Lezing over VSV of Daden van onbaatzuchtigheid (2012)

    Lezing over VSV of Daden van onbaatzuchtigheid (2012)

    vsvleondewinterOp 20 maart verzorg ik in het kader van de postacademische cursus ‘Recente Nederlandse en Vlaamse letterkunde’ van de Radboud een lezing over VSV of Daden van onbaatzuchtigheid (2012) van Leon de Winter. Een roman (of thriller?) die zo bomvol personages uit de politieke werkelijkheid zit dat je de neiging moet onderdrukken om niet alles wat er over die personages, zoals Cohen, Moszkowitcz, Donner en Theo van Gogh (zij het als hoofd in het hiernamaals) geponeerd wordt te verifiëren.

    Een lezing over feit en fictie en artistieke geloofwaardigheid.

    De PAO-cursus ‘Recente Nederlandse en Vlaamse letterkunde‘ loopt tot en met 24 april 2013.

  • De toekomst van het wetenschappelijke tijdschrift

    De toekomst van het wetenschappelijke tijdschrift

    PeerJ

    ‘Een echte vernieuwing in de publicatiestructuur kan volgens mij alleen als er nog een andere maat is op basis waarvan het wetenschappelijke succes van de onderzoeker wordt gemeten. Waarom zouden de ogen zo rigide op de publicatielijst gericht moeten blijven? Waarom de vele andere taken die de academicus verricht buiten beschouwing laten, zoals het organiseren van congressen, het houden van lezingen en presentaties, het leiden van workshops of expertmeetings, het begeleiden van promovendi of bijvoorbeeld het schrijven van een review?’ [fragment]

    Op Neder-L verscheen een korte reactie van mijn hand over de toekomst van het wetenschappelijke tijdschrift.

  • Lezing ‘The Literary Scholar as Literary Critic’

    Lezing ‘The Literary Scholar as Literary Critic’

    W.J.A. JonckbloetW.J.A. Jonckbloet stelde in 1877 bij de publieke aanvaarding van de leerstoel Nederlandse taal- en letterkunde in Leiden dat de taak van de Nederlands letterkundige tweeledig is. Allereerst moet deze er naar streven ‘om den natuurlijken samenhang van oorzaak en gevolg uit te vorschen, en mensen en zaken te plaatsen in het licht van hunnen tijd.’ Na deze arbeid is de tweede en belangrijkere taak ‘critiek oefenen’. 

    Vanaf het ontstaan van de moderne Nederlandse letterkunde als zelfstandige academische discipline, zo rond 1900, blijft de  tweeledige taakopvatting onderwerp van debat. Begeeft de wetenschapper zich met het oefenen van kritiek niet teveel op het gebied van de publieke literatuurbeschouwing en zou hij zich niet beter verre houden van evaluerende uitspraken? Of komt een normatieve houding de wetenschap juist ten goede?

    Op donderdag 28 februari geef ik een lezing voor de Graduate School Humanities (RU) waarin onder anderen Jonckbloet voorbij komt. Titel van de lezing is ‘The Literary Scholar as Literary Critic. On the Interrelation between the Academic and the Public Discourse on Literature in the Netherlands (around 1900)‘.

    De GSH organiseert eens per maand een Theme Thursday  waarin twee promovendi hun nieuwste resultaten presenteren. Het begint om 16.15. Toegang is gratis voor promovendi. Meld je wel even van tevoren aan bij de GSH.