Auteur: admin

  • Podium voor Literatuurkritiek

    Begin van de zomer, op donderdag 2 juli, vond bij het Nederlands Letterenfonds de eerste bijeenkomst plaats van Podium voor Literatuurkritiek, een nieuw initiatief dat de professionele literatuurkritiek wil bevorderen en de positie van de criticus wil versterken.

    Tijdens de bijeenkomst kwamen ruim dertig critici en recensenten van Nederlandse en Vlaamse dag- en opiniebladen samen om concrete acties en activiteiten voor het nieuwe podium te verkennen. In een panelgesprek met Toef Jaeger (NRC Handelsblad), Joost de Vries (de Volkskrant) en Joep van Ruiten (Dagblad van het Noorden) werd besproken hoe de recensie vandaag de dag functioneert, hoe literatuurkritiek beter kan aansluiten bij maatschappelijke ontwikkelingen en waar ruimte ligt voor diversiteit en experiment. Huidige ontwikkelingen zetten de literatuurkritiek onder druk, maar zoals initiatiefnemer Dieuwertje Mertens benadrukt: ‘dit is geen begrafenis, maar een kraamfeest’.

    Podium voor Literatuurkritiek wil zich de komende tijd richten op de volgende activiteiten:

    • twee keer per jaar een inhoudelijke bijeenkomst organiseren rond een actueel thema binnen de literatuurkritiek, met de eerstvolgende bijeenkomst bij voorkeur in Vlaanderen;
    • mogelijkheden verkennen voor na- en bijscholing, onder meer in de vorm van masterclasses en schoolbezoeken, zoals ‘criticus in de klas’;
    • een hechtere infrastructuur voor critici creëren, van waaruit Podium voor Literatuurkritiek kan optreden als belangenbehartiger, bijvoorbeeld door het stimuleren van fair pay.

    Met deze activiteiten wil Podium voor Literatuurkritiek bijdragen aan een sterke literaire sector. ‘Geen literatuur zonder gesprek over literatuur,’ zei directeur-bestuurder Romkje de Bildt tijdens haar welkomstwoord.

    Volg Podium voor Literatuurkritiek op Instagram om op de hoogte te blijven van de activiteiten!

    Podium voor Literatuurkritiek is een initiatief van Dieuwertje Mertens, Maarten Doorman en Marieke Winkler en wordt ondersteund door het Nederlands Letterenfonds.

  • Henriëtte Roland Holstprijs 2026

    Deze week maakte de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde (MNL) de toekenning bekend van haar verschillende prijzen. Daaronder ook de toekenning van de Henriëtte Roland Holstprijs 2026 aan Dewi de Nijs Bik voor haar bundel Indolente. Hiermee wordt deze prijs voor het eerst in zijn bestaan sinds 1957, met een hoofdknik naar de naamgeefster, toegekend aan een vrouwelijke dichter.

    Hieronder het openingsgedicht uit de indrukwekkende titelafdeling ‘Indolente’ over de oester, het oesterduiken en haar koloniale geschiedenis. Het gedicht is geschreven naar het schilderij ‘La Pesca del Corallo’ (1585) van Jacopo Zucchi, een wrange verheerlijking. ‘Smetteloos de juwelen / en verhalen’. Indolente vertelt een ander verhaal.   

    De prijs zal worden uitgereikt te Leiden op zaterdag 10 oktober 2026, tijdens de Laureatenmiddag van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde.

    Lees hier het juryrapport.

  • Nieuwe kritiek

    Voor DW B schreef ik over de bezwerende gedichten (’tekstielen’) van Sarah de Koning. Een prachtig poëziedebuut dat mij ook de dagboeken van Sylvia Plath deed ontdekken. De volgende uitspraak van Plath kreeg geen plekje in de bespreking, maar past helemaal bij de poëzie van De Koning waarvan je het gevoel hebt dat ze voor je ogen – nu, nu, nu – gebeurt:

    Bij mij is het heden voor altijd, en het altijd blijft veranderen, verschuiven, vloeien, smelten. Deze seconde is het leven. (…) Niets is echt behalve het heden.

    Lees de bespreking ‘Een bundel als een bijenraat’ op de website van DW B.

  • Het gebruik van literatuur in andere vakgebieden

    Hoe worden literaire bronnen gelezen in vakgebieden buiten de literatuurwetenschappen? Met die vraag stelden we voor Nederlandse Letterkunde een dubbeldik themanummer samen. Het resultaat van deze spannende zoektocht naar de academische “passionate reader” is nu verschenen. Met bijdragen uit de biologie en levenswetenschappen, humanistiek, medical humanities en deugdethiek, theologie, rechtswetenschappen, stadsgeschiedenis, psycholinguïstiek en artificiële intelligentie.

    Het nummer demonstreert hoe literatuur niet alleen fungeert als kennisinstrument om bijvoorbeeld complexe, abstracte theorieën aanschouwelijk te maken of om aanvullende historische kennis te vergaren, maar ook hoe literaire verbeeldingen werken als creatieve spiegel en katalysator in onderzoeksgebieden buiten de geesteswetenschappen of in crossovers tussen verschillende wetenschappelijke disciplines.

    Lees de inleiding op het nummer nu online via de website van Amsterdam University Press.

    Aan het nummer werkten mee: Johannes Müller, Amber Helmes, Anne-Fleur van der Meer & Jos Kole, Sabine Wolsink, Carinne Elion-Valter, Matthijs Degraeve, Carel van Wijk, en Siebe Bluijs, Emiel van Miltenburg & David Peeters.

    Redactie: Carlijn Cober, Esther Op de Beek, Tom Sintobin & Marieke Winkler.

  • Achter de Verhalen 2026

    Van woensdag 15 t/m vrijdag 17 april vindt in Gent het 20e Achter de Verhalen-congres plaats. Het congres verwelkomt bijdragen van onderzoekers op het brede gebied van de moderne Nederlandse letterkunde uit de hele wereld. Het verbindende thema van de 2026-editie is ‘vormen van lezen’. Het programma is vanaf heden te raadplegen via de website.

    Op de eerste congresdag (15 april) delen Marjolein van Herten en ik ervaringen rond onze ‘Klimaatleesclub’-pilot voor studenten milieu- en klimaatwetenschappen van de Open Universiteit. In het collegejaar 2024-2025 lazen we achtereenvolgens Ian McEwans Solar (2010), Amitav Ghosh’ Gun Island (2019), Eva Meijers Zee Nu (2022) en Rachel Carsons Silent Spring (1962, of de nieuwe Nederlandse vertaling door Nico Groen, Verstild voorjaar 2022). Hoe leggen studenten de relatie tussen het gelezen werk en hun klimaatwetenschappelijke kennis, en welke rol speelt het samen discussiëren c.q. dialogisch leren daarin?

    Aan de hand van een online enquête hebben we o.a. onderzocht:

    • 1. hoe studenten het lezen van klimaatfictie als klimaatexpert hebben ervaren;
    • 2. of zij een verschillende houding bemerkten ten aanzien van fictie of non-fictie;
    • 3. of het lezen van klimaatliteratuur hun houding t.a.v. klimaatverandering beïnvloedde;
    • 4. of het lezen en bespreken van boeken invloed heeft gehad buiten de leesclub (gedrag, gesprekken, …).

    Naar aanleiding van onze ervaringen met de leesclubdiscussies en de uitkomsten van het onderzoek wisselen we graag van gedachten over de didactische aanpak van de pilot en, in het algemeen, over didactische vormen die kennisintegratie kunnen vergroten in een multidisciplinaire omgeving.

  • Sur place

    Uit: ‘Sur place’ van Hans Faverey (‘Het sneeuwt / maar het sneeuwt niet meer’), Raster #15, 1980.

  • Nieuwe kritiek

    Op de valreep van 2025 besprak ik voor DWB Els Moors’ nieuwe dichtbundel voer voor struikrovers. Een sterke toevoeging aan het gestaag groeiende oeuvre van Moors. Ik las de bundel in het verlengde van haar laatste roman, het al even lezenswaardige en meeslepende Mijn nachten met Spinoza (2021).

    In de bespreking ligt de nadruk op de beweging, de dynamiek, het voortgestuwd worden, ‘de nodes en verlangens’ die je alle kanten op sturen en je wortelloos maar ook volledig mens maken. Daaronder valt ook – maar in de bespreking minder benadrukt – het verlangen naar stilstand, oplossing, zoals in het volgende existentiële gedicht uit voer voor struikrovers:

    ***

    Lees ‘Hoe volledig mens te blijven. Over voer voor struikrovers van Els Moors’ op de website van DWB.

  • Avondprogramma in Perdu:

    Naar aanleiding van het verschijnen van ons themadossier ‘Chimeras & Other Animals‘ organiseren we in samenwerking met Perdu op vrijdag 24 oktober een (zoö)poëtisch programma waarin we via performance en reflectie de poëtische en culturele verbeelding van mens-dierrelaties verkennen. Hoe laten dichters dieren dieren zijn? Welke mogelijkheden biedt poëtische taal voor co-auteurschap met niet-menselijke dieren? Hoe dragen beeld en performance bij aan het aanwezig stellen van de vreemdheid en het anders-zijn van de niet-menselijke ander?

    Kom met ons verkennen!

    Zie de website van Perdu voor meer informatie en tickets.

  • Nieuwe kritiek

    Voor DW B besprak ik Tijd voor vrede, de nieuwste bundel van Charles Ducal. Het lezen ervan nodigde uit tot een reflectie over het oeuvre van Ducal waarin een intrigerende spanning naar voren komt tussen maatschappelijk engagement en autonomie, want hoe geef je als dichter vorm aan maatschappelijk engagement als je eigenlijk niet gelooft dat de poëzie daartoe in staat is? Of in de woorden uit de bundel: ‘Hoe maak je poëzie van een lijk in het water?’, zonder zich daarbij ‘een uit de krant geknipt patroon / van somberte aan te meten’ of ‘onecht’ in ‘andere lichamen’ te lopen?

    Met een glansrol voor Martinus Nijhoff, met wie Ducal het beheerst balanceren tussen traditie en een modern levensgevoel deelt.

    Lees ‘De troost van het poëtisch spreken. Over Tijd voor vrede van Charles Ducal’ op de website van het onvolprezen DW B!

  • Chimaera’s & andere dieren

    Het themadossier ‘Chimaera’s & andere dieren’ is verschenen!

    In deze uitgebreide editie van LOCUS – online tijdschrift voor cultuurwetenschappen onderzoeken we de culturele verbeelding en conceptualisering van mens-dierrelaties en de metamorfose van soorten. Vanuit verschillende creatieve en cultuurwetenschappelijke disciplines exploreren de auteurs hoe we via visuele representaties, literaire en poëtische taal en via het acterende of dansende lichaam nieuwe, ecocentrische perspectieven kunnen ontwikkelen op het samenleven van menselijke en niet-menselijke dieren.

    We zijn enorm trots op dit veelkantige dossier waarin we expliciet de grenzen tussen wetenschap en kunst opzoeken. Met bijdragen over ‘zoo mensch zoo dier‘ van Ramsey Nasr (Barbara Fraipont & Stéphanie Vanaste) en de (on)zichtbaarheid van geweld in de Nederlandse varkensindustrie (Lucas Rinzema & Alice Dekker, inclusief origineel fotografisch werk!); het moderne bestiarium Grass Cage van de Hongaarse dichter Katalin Ladik (Zoltán Bagdal) en de veranderlijke representatie van het lichaam van de duivel in vroegmoderne theologische teksten (Androniki Dialeti); over mens-dier onderscheidingen in Walt Disney’s You, The Human Animal (Wouter Captain) en de verbeelding van ratmensen in weirdfiction en SF (Marjolein van Herten & Pieter-Merel Brouwer) en over rouwen om het niet-menselijke in het Antropoceen (Merlijn Verduin). Leo van Zanen leverde enkele van zijn diergedichten ter publicatie aan.

    Het verschijnen van dit nummer betekent mijn tijdschriftdebuut als beeldend kunstenaar; doorheen het nummer zijn verschillende van mijn schilderijen opgenomen.

    Ondertussen werken Marieke Borren en ik verder aan een opvolging, de chimaera’s blijven ons bespoken…In samenwerking met Perdu bereiden we een poëtische avond voor op vrijdag 24 oktober. Houd de website van Perdu in de gaten voor meer informatie!

    Lees en bekijk LOCUS-dossier Chimaera’s & andere dieren. De culturele verbeelding en conceptualisering van menselijke en niet-menselijke dieren.