Categorie: recensie

  • Nieuwe kritiek

    Voor DW B schreef ik over de bezwerende gedichten (’tekstielen’) van Sarah de Koning. Een prachtig poëziedebuut dat mij ook de dagboeken van Sylvia Plath deed ontdekken. De volgende uitspraak van Plath kreeg geen plekje in de bespreking, maar past helemaal bij de poëzie van De Koning waarvan je het gevoel hebt dat ze voor je ogen – nu, nu, nu – gebeurt:

    Bij mij is het heden voor altijd, en het altijd blijft veranderen, verschuiven, vloeien, smelten. Deze seconde is het leven. (…) Niets is echt behalve het heden.

    Lees de bespreking ‘Een bundel als een bijenraat’ op de website van DW B.

  • Nieuwe kritiek

    Op de valreep van 2025 besprak ik voor DWB Els Moors’ nieuwe dichtbundel voer voor struikrovers. Een sterke toevoeging aan het gestaag groeiende oeuvre van Moors. Ik las de bundel in het verlengde van haar laatste roman, het al even lezenswaardige en meeslepende Mijn nachten met Spinoza (2021).

    In de bespreking ligt de nadruk op de beweging, de dynamiek, het voortgestuwd worden, ‘de nodes en verlangens’ die je alle kanten op sturen en je wortelloos maar ook volledig mens maken. Daaronder valt ook – maar in de bespreking minder benadrukt – het verlangen naar stilstand, oplossing, zoals in het volgende existentiële gedicht uit voer voor struikrovers:

    ***

    Lees ‘Hoe volledig mens te blijven. Over voer voor struikrovers van Els Moors’ op de website van DWB.

  • Nieuwe kritiek

    Voor DW B besprak ik Tijd voor vrede, de nieuwste bundel van Charles Ducal. Het lezen ervan nodigde uit tot een reflectie over het oeuvre van Ducal waarin een intrigerende spanning naar voren komt tussen maatschappelijk engagement en autonomie, want hoe geef je als dichter vorm aan maatschappelijk engagement als je eigenlijk niet gelooft dat de poëzie daartoe in staat is? Of in de woorden uit de bundel: ‘Hoe maak je poëzie van een lijk in het water?’, zonder zich daarbij ‘een uit de krant geknipt patroon / van somberte aan te meten’ of ‘onecht’ in ‘andere lichamen’ te lopen?

    Met een glansrol voor Martinus Nijhoff, met wie Ducal het beheerst balanceren tussen traditie en een modern levensgevoel deelt.

    Lees ‘De troost van het poëtisch spreken. Over Tijd voor vrede van Charles Ducal’ op de website van het onvolprezen DW B!

  • Nieuwe kritiek

    Voor DW B probeerde ik grip te krijgen op de jongste bundel van P.C. Hooftprijswinnaar Astrid Lampe, Zachte landing op leeuwenpootjes. Een bundel over de Russisch-Oekraïense oorlog en het verliezen van een (t)huis, over de altijd bemiddelde ervaring, over een damdoorbraak en overstroming, over een plastic tuinstoel als lichtend baken, maar bovenal een bundel waarin gepoogd wordt om de ‘abc-moertjes’ van het woord oorlog los te wrikken – een leeservaring alsof je loopt door een Cakewalk.

    Lees de bespreking op de website van DW B.

  • Nieuwe kritieken op DWB

    ‘Paradox van de poëzie: iets vangen wat er wel en niet is.

    Het lot van de dichter: jagen.

    Het gedicht: een buigzaam lichaam.’

    Lees hier mijn bespreking van Zabriskie (2023) de jongste bundel van Peter Verhelst.

    ‘Na de winter lijken de exotische grasparkieten overleden, maar in de lente komen ze naakt weer tevoorschijn. Een man met jachtgeweer kruipt in het lichaam van een vogel. De slotregels besluiten verlangend: ‘In die gouden tong wil ik liggen / en wachten tot alles uit me stroomt’. In de gedichten van Deraedt wil je liggen om te wachten tot de zon opkomt.’

    En hier mijn bespreking van Kleine wereld (2023) van Mattijs Dereadt.

  • Nagenoeg

    Voor DW B besprak ik de bundel Nagenoeg (2023), het poëziedebuut van Filip Rogiers.

    Het is bijna bevreemdend om in de huidige trend van meer narratieve, en spreektalige of prozaïsche poëzie, waarin het botsen van registers en genres wordt omarmd, zulke gecomprimeerde, geboetseerde verzen te lezen als die van Rogiers. ‘Soms lijken Rogiers gedichten op in taal gestolde depressies’, aldus de achterflap. Inderdaad, soms lijkt dat zo, in taal en tijd gestold. Niet iedereen zal daar gecharmeerd van zijn (noch van de gewichtige poëtische toon), maar meermaals is er net genoeg licht om ook de donkere delen van contrast te voorzien (…)  juist in strijklicht wordt de donkere omgeving in al haar diepte zichtbaar.

    Lees hier de volledige bespreking.

  • Wij zijn uitgeweken

    Voor DW B besprak ik Wij zijn uitgeweken (2022) het poëziedebuut van Anne Louïse van den Dool.

    “…in de poëzie van Van den Dool wordt duidelijk hoezeer de waarnemer allesbehalve onafhankelijk is, hoe het ‘systeem’ van gezin, geliefden, vrienden de eigen positie bepaalt en hoe het sprekend/denkend subject continu in bestaande sociale patronen wordt gegoten waarbinnen het vervolgens probeert de eigen positie te hervinden. Bovenal gaat het erom niet in een tunnel vast te komen zitten, uit de schacht en uit de koker te manoeuvreren. Niet in de laatste plaats via de taal, deze taal, de lyrische taal als de uitgestoken hand die je vast kan pakken en die je helpt een andere kant op te zwenken. Poëzie maakt het mogelijk daadwerkelijk uit te wijken.”

    De kritieken van DW B verschijnen online op https://www.dwb.be/lees/literaire-kritieken.

  • Krop

    Voor DWB besprak ik Krop, het poëziedebuut van Anne Provoost.

    In Krop slaagt Anne Provoost erin om de lezer terug te transporteren naar die verwarrende jaren van de coronapandemie. Weet je nog: de verveling, de angst, de discussies over ‘dor hout’, de poëziekettingbrieven? Via speelse taal wordt dat gekke vacuüm in de tijd vakkundig weer opgebroken. Voelt de pandemie ver weg? Niet als je deze bundel leest.

    Met het openbreken (of beter: ontkroppen) dient zich bovendien nog heel wat meer aan, want Krop is veel meer dan een coronabundel, zoals het motto op het titelblad ons reeds attendeert: ‘Want er is tussen ons iets enorms aan de gang’…

    Benieuwd naar dat ‘meer’? Lees de volledige kritiek op de website van DWB.

  • Slangen

    Voor DW B schreef ik over Slangen, de dwarse nieuwe bundel van Dominique De Groen: over trage revoluties, horrorachtige pixelige ikken en hoe het lichaam danst en zingt (ondanks alles). Lees haar werk!

    “Met Slangen toont Dominique De Groen opnieuw en op volstrekt eigen wijze dat het literaire experiment springlevend is, misschien wel de enige (uit)weg voor leven in een wereld die reeds over de rand gevallen is.”

    De kritieken van DW B verschijnen tegenwoordig online.

  • ZUS

    [vimeo 269335492 w=640 h=360] zus from Marc Neys (aka Swoon) on Vimeo.

     

    Deze week verscheen de nieuwste Poëziekrant (nummer 5, jaargang 42) met daarin mijn bespreking van Jan Lauwereyns’ mooie en intrigerende bundel Zus (2018). ‘een groot machtig alles in een minuscuul dingetje van niets // vreemd / vind je niet / prachtig toch’. Net als de teaser.