Presentatie op VAL-onderzoeksdag

Geschreven door

in

Op 6 mei vindt de jaarlijkse VAL-onderzoeksdag plaats aan de Universiteit van Antwerpen. Tijdens de onderzoeksdag, die wordt georganiseerd door de Vlaamse Vereniging voor Algemene en Vergelijkende Literatuurwetenschap (VAL), presenteren jonge onderzoekers uit Vlaanderen en Nederland hun lopend onderzoek. Ervaren literatuurwetenschappers worden uitgenodigd te reageren op de voordrachten. De dag wordt geopend door een plenaire sessie over ‘De maatschappelijke relevantie van de humane wetenschappen’ en afgesloten door een Rondetafel gesprek met Hans Willems (FWO), Geert Buelens (Universiteit Utrecht), Frank Willaert (Universiteit Antwerpen), Elizabeth Amann (UGent) en Frederik Van Dam (KULeuven).

In de middagsessie ‘Kruispunten’ zal ik mijn promotieonderzoek presenteren. Ik grijp de mogelijkheid aan om het nog eens te hebben over Nico Donkersloot.

Hieronder alvast het abstract:

 

De “objectieve” kritiek van Nico Donkersloot (1902-1965)

Sinds het ontstaan van de letterkundige neerlandistiek als academische discipline hebben wetenschappers geprobeerd de academische literatuurbeschouwing af te bakenen van publieke vormen van literatuurbeschouwing. Die demarcatie bleek in de praktijk echter bijzonder lastig en tot de dag van vandaag zijn er voorbeelden te vinden van academici die hun wetenschappelijke arbeid combineren met een functie als criticus, essayist, romanschrijver of dichter.

Sommigen menen dat deze vermenging van activiteiten de betrouwbaarheid van de literatuurwetenschap geen goed doet, bijvoorbeeld Nico Laan in Het belang van smaak 1998 of Vaessens en Bijl in Literatuur in de wereld 2014. Anderen menen dat de twee activiteiten prima naast elkaar kunnen bestaan. Zo stelde prof. Yra van Dijk recentelijk in haar oratie Fanfare uit de toekomst (2014): ‘Als ik kritieken schrijf, heb ik een andere pet op dan wanneer ik onderzoek doe.’ (9) Op basis van welke criteria wordt er op een bepaald moment een onderscheid gemaakt tussen de wetenschappelijke bestudering en de niet-wetenschappelijke bestudering van literatuur door critici en essayisten?

In mijn proefschrift bestudeer ik deze vraag aan de hand van de praktijk van enkele uitgesproken ‘dubbelfiguren’ uit de geschiedenis van de letterkundige neerlandistiek, figuren die een wetenschappelijke functie combineerden met een functie in het publieke domein. In mijn presentatie licht ik mijn doctoraatsonderzoek graag toe aan de hand van de praktijk van één van die figuren: Nico Donkersloot (1902-1965), dichter, criticus, oprichter van het literaire maandblad Critisch Bulletin (1930-1957) en, vanaf 1936, hoogleraar Nederlandse letterkunde in Amsterdam.

 

Het volledige programma en alle abstracts zijn hier te vinden.

 

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *